Capitals
Op het gevaar af dat Hanzevast Capitals toch nog kampioen van Nederland wordt, is het de hoogste tijd om enkele kritische noten te kraken over de Groninger basketbaltrots. Want hoe je het ook keert of wendt, dit seizoen is zwaar ondermaats voor een club met zo’n riante (althans voor Nederlandse begrippen) begroting.
Er wordt regelmatig verloren van clubs die zo’n miljoentje (of meer) minder te besteden hebben. Dan zit er structureel dus iets fout. Dan heb je je beschikbare budget voor spelers niet goed (wat heet!) benut en dat is voor professionele sport een doodzonde.
Zelden een ploeg gezien in Groningen die zo weinig vonken heeft doen overslaan op de geachte clientele dan dit ‘Donar’. Het scouten van het nieuwe team is op een faliekante mislukking uitgedraaid. Dat kan een keer gebeuren (wie zonder zonde is werpe de eerste steen), maar het is wel ernstig te noemen. Het vorige team, dat bijkans collectief de laan werd uitgestuurd, had met jongens als Reed, Kriisa, Suljanovic, Novak en zelfs Detrick aanzienlijk meer allure en uitstraling dan deze hakkenkrukkenploeg.
O zeker, technische man Albert van der Ark is niet over een nacht ijs gegaan met zijn keuzes, die uiteindelijk door coach Boot zijn gefiatteerd. Van der Ark kreeg, zegt hij zelf, de complimenten van ‘het wereldje’ dat hij er in geslaagd was het beste van het beste uit de Nederlandse competitie 2005-2006 samen te brengen in Martiniplaza. Met zo’n team, zo dacht hij, gaat Capitals een serieuze poging doen de landstitel terug naar Groningen te halen. Op zich een logische gedachte, maar gelogenstraft door de realiteit. Het kan nog steeds, maar erg waarschijnlijk is dat niet.
Vooralsnog heeft Capitals teleurgesteld, bij vlagen zelfs diep teleurgesteld. Dank zij de ‘Amerikanen-regel’ bleek het voor de concurrentie mogelijk voor aanmerkelijk minder geld een nagenoeg gelijkwaardig selectie op het court te brengen. Van der Ark en Boot hebben ‘die markt’ laten liggen, kozen voor spelers die bekend waren. Een foutieve keuze, zo is inmiddels wel duidelijk geworden. Gegokt en verloren. Het wrange van dit verhaal is wel dat je het gevoel hebt dat er veel geld onnodig over de balk is gegooid. Want qua salarissen is het wel top in Groningen.
Daar komt nog bij dat de gehaalde spelers nimmer de indruk hebben kunnen wekken dat ze zich volledig overgeven aan de aanpak van coach Ton Boot. De chemie is eigenlijk nooit zichtbaar geweest. Het werken met zoveel Amerikanen moet hem flink zijn tegengevallen.
Ik heb vorig jaar al eens geschreven de kracht van Ton Boot de achilleshiel van Capitals is. Met andere woorden: de recht-door-zee-methode van Boot is bezig zijn houdbaarheidsdatum te overschrijden. Tijden veranderen nu eenmaal, ook al wil Boot daar niet aan toegeven, zoals hij deze week in Het Parool liet optekenen. Wellicht om daar eens goed over na te denken tijdens zijn nakende sabbatical. Daar komt trouwens ook nog eens bij dat Boot nauwelijks ruimte geeft aan spektakelspelers. Waarom van Woods een rebounder gemaakt in plaats van zijn sterke punt (scoren) proberen uit te bouwen?
Al met al begint Capitals steeds minder op Feyenoord te lijken. Een prachtig legioen (welke voetbalclub krijgt 700 man bij de eerste training, alleen Feyenoord dus) , een grootse speelzaal (hoewel daar ook van alles is op aan te merken), een forse begroting, een hoofdsponsor die uitblinkt in trouw en ruimhartigheid en de topcoach van Nederland. Maar bij het verdelen van de prijzen (te) vaak structureel achter het net vissend. En als dat zelfs met de beste coach van datzelfde land niet wil lukken is een grondige zelfreflectie op zijn plaats. Waarom winnen wij als basketbalstad van Nederland toch zo weinig prijzen? Dat zou een afstudeerscriptie kunnen zijn. Anno 1972, de start van het professsionele Donar, vermelden de erelijst van Donar twee landstitels en een beker. Aan de vingers van een hand te tellen dus.
Met de komst van Boot waren minimaal twee landstitels begroot. Het blijft wellicht bij eentje. Ook nog eens een titel die nooit verwacht had mogen worden. Want, zei Boot bij zijn aanstelling, in zo’n eerste jaar mag jer van mij geen kampioenschap verwachten. Het wonder gebeurde toch. Maar eenmaal beleidsmatig aan de slag, moesten Boot en Van der Ark steeds weer de eer aan andere clubs laten. Ik kan me voorstellen dat dat fristreert bij de trouwe aanhang. Ook al omdat het (weer voor Nederlandse begrippen) flink moet betalen om haar favoriete club aan het werk te zien. De seizoenkaarten zijn bijna honderd euro duurder dan een gemiddeld abonnement bij FC Groningen. Daar mag dan ook best wat meer succes tegenover staan. Zeker gezien de middelen die hier voorradig zijn.
Boot zegt dat hij niks te maken heeft met hoge verwachtingspatronen. Principieel heeft hij vanuit zijn visie misschien wel gelijk. Maar die andere, hierboven gememoreerde kant, vlak je daarmee niet ‘even’ uit. Het mag in het basketbalgekke Groningen qua titels best een onsje meer zijn.
Nou ja mogen? Het werkwoord moeten is hier beter op zijn plaats.
Opdat wij in de toekomst vaker voor Donar kunnen staan dan dit droevig stemmende seizoen.

18 April 2007 at 00:15
Geachte Dick Heuvelman,
Na het lezen van je column kon ik me enerzijds goed vinden in het stuk. De resultaten in de competitie zijn te vaak ondermaats geweest, zeker voor de financiële situatie van de club. De ‘Chelsea-achtige’ constructie om de beste (vooral bekende) spelers naar je toe te trekken heeft voorlopig niet het gewenste resultaat opgeleverd.
Maar gelukkig voor Capitals zijn er de play-offs. Mochten de Capitals in staat zijn om de vorm en vechtlust van de tweede helft van afgelopen maandag vast te houden, dan vind ik persoonlijk dat u deze te vroeg geschoten heeft met uw woorden.
Hopelijk weet het team en het publiek er wederom een fantastisch einde aan te breien; met als toetje de titel op de Grote Markt. Want dat is wat wij allemaal willen!
Opdat wij in de toekomst vaker voor Donar kunnen staan.
18 April 2007 at 10:26
Hallo Dick Heuvelman
Ik heb uw artikel gelezen, en ben het er helemaal mee eens. Ik luister heel vaak naar u. En ik denk net zo als u. En u krijgt altijd veel negatieve kritiek, en dat vind ik niet juist. Uw ideeën vind ik altijd geweldig om te horen. Maarja kritiek hoord er bij en het draait altijd alleen maar om geld. Ik zou zegen ga door met uw mooie ideeen.